Telewerkregistratie bij de RSZ: wie is aan het werk?

Terwijl de paarden over het Ter Kamerenbos denderen in de strijd tegen het coronavirus als ware het Waterloo, heeft de ondernemer wel wat anders aan zijn hoofd: alweer een nieuwe verplichting, juist ja, ook in het kader van de strijd tegen het coronavirus, of wat dacht u. Telewerkers registreren, bij de RSZ. Vrijdag 26 maart jl. ministerieel besloten, dinsdag 6 april a.s. uiterste datum om dit in orde te brengen (voor de maand april). Geen paniek, de RSZ helpt u met instructies. Maar daar lijkt toch iets vreemd: zelfstandigen moeten we ook melden? Lees hieronder meer…

Beoefenaars van het sociaal recht weten het: als de RSZ iets vraagt over zelfstandigen, wees op uw hoede.

Werkgevers en werknemers, dat past bij de RSZ, het is zowaar de existentiële, gewijde aarde van de RSZ, die als algemeen beginsel kent: werknemer: de persoon die met een werkgever door een arbeidsovereenkomst is verbonden” (Artikel 1 § 1 Algemene Beginselenwet Sociale Zekerheid), en in de RSZ-wet “deze wet vindt toepassing op de werknemers en de werkgevers die door een arbeidsovereenkomst zijn verbonden” (artikel 1 § 1 RSZ-wet). Er zijn natuurlijk ook heel wat gelijkgestelde categorieën, zelfs uitbreidingen tot personen die niet door een arbeidsovereenkomst zijn verbonden… Maar de echte zelfstandigen, nee, die vallen niet onder het sociale zekerheidsstelsel van de werknemers. Wat niet belet dat men ze zou moeten melden aan de RSZ bij de “telewerkregistratie” in het kader van, jawel, de strijd tegen het coronavirus, mits daarvoor een wettelijke (of ministeriële?) basis zou bestaan.

Dus kijken we naar de tekst van het M.B. zelf, en lezen daar:
[3 De werkgevers registreren maandelijks, via het elektronische registratiesysteem dat door de Rijksdienst Sociale Zekerheid ter beschikking wordt gesteld op de portaalsite van de sociale zekerheid, het totale aantal werknemers in het bedrijf per vestigingseenheid en het aantal werknemers dat een functie uitoefent die onmogelijk kan worden volbracht via telethuiswerk. Deze aangifte heeft betrekking op het aantal werknemers op de eerste werkdag van de maand en moet uiterlijk worden ingediend op de zesde kalenderdag van de maand.]3

Dat lijkt duidelijk. Althans zo dachten wij.

Fronsen wij dan ook de wenkbrauwen, bij het lezen van de volgende instructie uitgaande van de RSZ en intussen breed “gedeeld” via allerlei kanalen (https://www.socialsecurity.be/employer/instructions/dmfa/nl/latest/intermediates#intermediate_row_e5633249-3d9b-4cb4-b12c-9936a159ea15 ):

“Vul het aantal personen werkzaam bij de onderneming in.

  • Het gaat om een foto van uw onderneming op de eerste werkdag van de maand (1 april, 3 mei en 1 juni).  Indien de onderneming over meerdere vestigingseenheden beschikt, dient het aantal personen werkzaam in de vestigingseenheid ingevuld te worden.
  • U vermeldt het totale aantal werknemers die de onderneming in dienst heeft (= gebonden door een arbeidsovereenkomst, leerovereenkomst, statuut,…). Voor flexi-werknemers wordt gekeken naar de lopende raamovereenkomsten. Langdurig zieken en personen in tijdskrediet worden ook meegeteld, evenals medewerkers met een ambulante functie (vb. koeriers, inspecteurs,…).
  • Maakt uw onderneming op een structurele basis gebruik van uitzendkrachten of werkt er structureel personeel van een andere werkgever in uw vestigingseenheid (vb. onderaannemers, gedetacheerden, bewakingspersoneel,…), dan voegt u het aantal, dat op vermelde data bij u actief is, toe aan het totaal.
  • Dit geldt ook indien er in uw onderneming personen op zelfstandige basis structureel aan het werk zijn (consultants, vennoten, …). Het gaat dus niet om punctuele aanwezigheden, zoals voor herstellingen, schoonmaak, onderhoud,…

 

Tiens… personen op zelfstandige basis (ongeacht of ze structureel aan het werk zijn), zijn nochtans geen werknemers. Niet dat de RSZ voor hen geen interesse kan hebben natuurlijk, maar een wettelijke basis om dergelijke gegevens te verzamelen, ware toch ook geen overbodige luxe.

Een en ander rust wellicht op een vergissing. In alle ministeriële ijver werd eerder al in het desbetreffende M.B. van 28 oktober 2020 gebruik gemaakt van een nieuwe soort, namelijk de “personeelsleden”. Dat begrip wordt voor de toepassing van de in dat M.B. vervatte arsenaal aan COVID-19-maatregelen (God verhoede dat men buiten die context ervan gebruik zou beginnen maken) als volgt ingevuld “personeelslid”: elke persoon die werkt in of voor een onderneming, vereniging of dienst”. Van deze definitie wordt gebruik gemaakt voor het bepalen van de verplichting om te telewerken.

Nu kan men nog een boompje opzetten over de vraag of dit goed legistiek werk is. Deze definitie laat alleszins voldoende ruimte voor zelfstandigen, die “in of voor” een onderneming, vereniging of dienst werken. Maar van haar nieuwe soort, de “personeelsleden”, heeft het Ministerieel Besluit geen gebruik gemaakt om de telewerkregistratie bij de RSZ in te voeren. Neen. Daar blijft het bij “de werknemers”.

Van twee zaken één, in de strijd tegen de rechtsonzekerheid: ofwel zal de RSZ zijn instructie moeten bijstellen, ofwel moeten de “personen die werken in of voor de kabinetten”, de tekst van het Ministerieel Besluit toch even op punt zetten. Want in de huidige lezing van de duidelijke tekst, moeten enkel de werknemers gemeld worden.

Wil u meer weten, wenst u begeleiding of advies over andere HR kwesties? Neem contact op met onze HR legal architects alexia.hoste@marlex.be en charlotte.knockaert@marlex.be, of bel ons op  +32 050 83 20 38 en wij helpen u graag verder.

Auteurs
Alexia Hoste
Alexia Hoste